woensdag 20 maart 2019

Bernard Minier – Weerzin

Spannende Franse thriller met een aantal schoonheidsfoutjes

Weerzin is de vijfde thriller rondom inspecteur Martin Servaz van Bernard Minier en de eerste die ik las. Het is een mooie binnenkomer, omdat het een zaak bespreekt uit het begin van de carrière van Servaz. Als hij in 1993 als groentje binnenkomt bij de recherche neemt inspecteur Kowalski heb mee op sleeptouw en zijn eerste zaak is die van de twee communicanten. Twee meisjes in witte communiejurken die worden gevonden vastgebonden aan een boom met een kruis om de nek. Dit is precies een scène uit een boek van de bekende schrijver Erik Lang en de zusjes Amber en Alice waren groot fan van Lang...

In de eerste 170 bladzijden zet Minier een aardige who-dunnit neer met een onbevredigende uitkomst, is de man die schuld bekent wel de schuldige? Dan maken we een sprong van 25 jaar naar 2018, Servaz zit nog steeds bij de recherche en heeft het tot teamleider geschopt. Opnieuw wordt hij naar het huis van Erik Lang geroepen voor een moordonderzoek, zijn vrouw is bij een inbraak neergeslagen en vermoord door gifitige slangen haar te laten bijten. Hier begint de echte thriller, waarom is zijn vrouw vermoord? Waarom is het manuscript gestolen? Wie heeft hier eigenlijk de touwtjes in handen?

Ondanks dat het boek goed geschreven is en zeker het tweede deel erg spannend zit er in het tweede deel ook een grote ergernis van mij. Met voetnoten wordt verwezen naar de eerdere boeken die bij dezelfde uitgever zijn uitgekomen. Dat achterin de andere boeken staan zou meer dan genoeg moeten wezen. Ook de schrijver maakt een kleine faux-pas, excusez-le-mot 😉, in dit deel van het boek door angstdromen over een seriemoordenaar uit een eerder deel op te voeren, dit werkt vervreemdend en heeft geen toegevoegde waarde. Twee andere foutjes wil ik graag nog benoemen. Eerst, wat mij betreft is het vervormen van de naam Ambre in Amber erg jammer, je leest het boek ook voor de Franse cultuur en omgeving van Toulouse. Laat de naam van de hoofdpersonages dan s.v.p. in tact. Ten tweede, wat doet dat rare wolvenoog op de voorkant? Het heeft niets met het boek te maken. De originele cover vind ik veel mooier.

Sois, om op een positieve manier te eindigen. Heerlijk dat er weer een Franse thrillerschrijver vertaald wordt in het Nederlands. Net als Jean Christophe Grangé weet Bernard Minier de Franse samenleving goed neer te zetten (met al zijn klassenverschillen) en dit geeft toch een ander soort thriller dan in het egalitaire Scandinavië. 


woensdag 13 maart 2019

Alice Hoffman – Magische regels


Lekkere lees-weg-roman
Magische Regels gaat over de drie Owens-kinderen: Frances, Bridget en Vincent. Ze komen er in hun jeugd achter dat ze anders zijn dan andere kinderen, ze zijn graag alleen, omringen zich met dieren en kunnen dingen verplaatsen met hun gedachten. Ze komen er écht achter dat ze anders zijn als Frances op haar 17e verjaardag een uitnodiging krijgt van tante Isabelle om op het platteland van Massachutes de zomer door te brengen.

Ze gaan met zijn drieën en worden ingewijd in het geheim van de familie Owens. Ze zijn heksen en hebben zich dus aan belangrijke regels te houden waaronder: schaad geen anderen. Frances en Bridget leren hoe ze de familiezeep moeten maken die je huid jaren jonger lijkt te maken en langzaam komen ze achter de manieren waarop ze andere mensen kunnen helpen, met kinderziektes, ontrouwe echtgenoten en stress. Als de zomer voorbij is keren ze vol heimwee terug naar hun ouders in New York. Ze worden ook ingewijd in de Owens-vloek: iedereen die je liefhebt zult je verliezen. Bridget en Frances besluiten daarom om nooit verliefd te worden, een onmogelijke beloften voor twee tienermeisjes.

"Na het afluisteren had Franny besloten dat magie niet zo heel veel verschilde van wetenschap. Beide zochten naar betekenis waaar die er niet was, naar licht in de duisternis, naar antwoorden op vragen die voor stervelingen te moeilijk te bevatten waren. (Hoffman, 2019, p. 31)"

Magische regels leest prettig weg, maar maakt de belofte niet helemaal waar. Op de achterflap wordt verwezen naar de historische context van de eerste heksenvervolging en ik ben altijd fan van het verweven van fictie met historie. In dit boek is het historisch laagje echter heel erg dun. Het geeft een klein beetje achtergrond maar verder is het een makkelijke roman met weinig diepgang.

Aan het eind van het boek maakt Hoffman wat mij betreft een fout door in één keer twintig jaar over te slaan om het verhaal rond te maken. Hierdoor voelt het verhaal als gehaast afgesloten, een open einde was misschien beter geweest. Gelukkig trapt Hoffman niet in de val om een eind-goed-al-goed einde te maken. Hierdoor geef ik het boek toch nog drie sterren. Met andere verwachtingen dan die de achterkant wekt is het een prima boek.


woensdag 6 maart 2019

Katrine Engberg – De krokodilvogel



Leuke nieuwe scandi-thriller
Ja, er is weer een leuke nieuwe serie over komen waaien uit Scandinavië, de Deense Katrine Engberg heeft het duo Korner & Werner bedacht (waarbij je Korner met zo’n raar streepje schrijft die ik niet terug kan vinden op de computer). In Denemarken zijn ondertussen drie delen uit, dus ik hoop dat de volgende delen ook naar het Nederlands gaan worden vertaald.

Het verhaal draait om de klassieke politierechercheur Jeppe Korner, gescheiden, kinderloos, depressief. Gelukkig dat zelfs Engberg opmerkt in het boek dat hij wel erg op een karakter uit een boek lijkt. Samen met zijn collega Anette Werner onderzoekt hij de moord op een jonge vrouw in het centrum van Kopenhagen. Alles doet het er op lijken dat de vrouw haar belager zelf heeft binnen gelaten en het gebrek aan verdere sporen maakt het onderzoek er niet makkelijker op.

Een complicerende factor is dat de eigenaresse van de flat, die op de bovenste verdieping woont, de plot voor een detective heeft geschreven waarin er een moord op een jong meisje in een flat wordt gepleegd. De gelijkenissen zijn te sterk om te negeren. Stapje voor stapje komen Jeppe en Anette erachter welk jeugdtrauma aan dit drama ten grondslag ligt.

Engberg kan prima schrijven. Ze heeft een makkelijke stijl en je leest het boek dan ook zo weg. De hoofdstukken zijn overzichtelijk opgezet en worden vooral door Jeppe verteld. Ik vind het prettig dat het privéleven van Jeppe hem wel vormt, maar het boek niet in de weg zit, het is een zijlijn die ook verteld wordt waardoor we Jeppe beter gaan begrijpen. Het plot is goed uitgewerkt (op één los draadje na met een potentiële verdachte/getuige) en je kunt als lezer lekker meepuzzelen. Dat zijn toch de thrillers waar ik het meest van houd. Minpunt is dat, zodra er een niet overtuigende bekentenis is, het onderzoek ongeveer plat wordt gelegd, dat komt ongeloofwaardig over. Verder vind ik het een prima boek voor tussendoor en lees ik graag de volgende delen. 


woensdag 27 februari 2019

Madeline Miller – Circe


Moderne vertelling van oude Griekse mythologie

Circe, de heks uit de Griekse mythologie, dochter van Helios en de nymf Perse, kleindochter van de titaan Hyperion wordt tot leven gebracht in de gelijknamige roman van Madeline Miller. We volgen haar ‘jeugd’ in de grotten van Helios en de waternimfen en ontmoeten daar vele namen uit de mythologie. Ze ziet hoe Prometheus gestraft wordt voor het geven van het vuur aan de mensen en ontdekt de stad Knossos als haar zus met koning Minos trouwt. Als ze toverkrachten blijkt te hebben, net als haar broers en zus en daarmee het monster Scylla creëert uit wraak voor een onbeantwoorde liefde wordt ze verbannen naar het eiland Aiaia.

Op Aiaia ontdekt ze steeds meer haar krachten als heks, het is een kwestie van aanleg, maar vooral van wilskracht. Met de verschillende planten en kruiden op haar eiland weet ze mengsels te maken om anderen te betoveren en zichzelf te beschermen. Als schippers aanleggen aan haar kust en ze verkracht wordt besluit ze bij elke volgende lading scheepslui de mannen bij het minste teken van agressie in varkens te veranderen. Dit gebeurt tot ze Odysseus ontmoet. Hij zorgt ervoor dat ze wat meer ‘mens’ wordt en minder verbitterde heks. Uiteindelijk kan het nooit goed gaan een relatie tussen een eeuwig levend een eeuwenjonge God en een sterveling en ook Odysseus keert naar huis. Uiteindelijk moet Circe voor haar geluk een beslissing die nemen die haar en haar geliefde het leven kan kosten.

Miller heeft op een levensechte manier het verhaal van Circe neergezet. Ze is bekend uit de verhalen van Odysseus (de Odyssee van Homerus), maar nu wordt het verhaal vanuit haar kant vertelt. Tegelijkertijd weet Miller ook een (in mijn ogen) groot deel van de rest van de Griekse mythologie te vertellen: de minotaurus, hermes, Athena, Apollo, Helios, Helene, ze komen allemaal langs. Mooie verhalen, vanuit het oogpunt van een vrouw vertelt.

Het boek leest heel makkelijk weg en de binnenkant van de kaft is prachtig geïllustreerd. Het knappe is ook dat je nauwelijks iets van mythologie hoeft te weten om het boek te lezen en mooi te vinden. Ik ben ook groot voorstander van het uit vrouwelijk perspectief (her)vertellen van oude verhalen, zoals bijvoorbeeld ook Marianne Frederiksson dat doet. Ik moet haar eerste boek Een lied voor Achilles ook maar eens op gaan zoeken. 


woensdag 20 februari 2019

Richard Russo – De geluksvogel


Is Hank wel een geluksvogel?

De hoofdpersonen van Russo zijn eigenlijk altijd een beetje sneue mannen. Daarom dat ik de titel ‘de geluksvogel’ eerst wat vreemd vond voor een boek van zijn hand. Al zou ik niet weten hoe je ‘Straight Man’ beter zou kunnen vertalen. Hank Deveraux de hoofdpersoon van het boek, is ook wel een beetje een geluksvogel, al valt zijn leven op zijn 50e behoorlijk uit elkaar in de ruime week die we hem volgen in dit boek. Hij is voorzitter van de vakgroep Engels, een heerlijk zootje academisch ongeregeld die uit zijn op zijn ondergang als voorzitter. Als zijn vrouw voor het weekend vertrekt en voorspelt dat ze hem of in de gevangenis of in het ziekenhuis zal terugvinden gaat Hank er alles aan doen om die voorspelling uit te laten komen.

"Keglers ligt aan de andere kant van de spoorlijn, die het stadje keurig in tweeën deelt. Er is geen verkeerde kant van het spoor in Railton. Ook geen goede kant, De regel is dat hoe dichter je bij de spoorlijn komt, hoe slechter het wordt."

Er moeten bezuinigingen worden doorgevoerd op de universiteit en als er iemand niet goed op de hoogte is van alle politieke spelletjes is het Hank wel. Zijn vakgroep gelooft hem echter niet als hij zegt dat hij geen lijstje heeft gemaakt met de mensen die er als eerste uit zullen vliegen. In een vlaag van verstandsverbijstering dreigt hij elke dag een gans te doden uit de campusvijver tot hij zijn budget voor volgend jaar krijgt. Er volgt een mediacircus, hij wordt op het matje geroepen bij de decaan en de campusdirecteur en hij begrijpt er steeds minder van. Ook in zijn privéleven lijkt het geluk hem niet meer toe te lachen. Zijn vader, de échte schrijver Deveraux komt weer bij  hem in de stad wonen en Hank overdenkt zijn rare jeugd. Maar ook als vader doet hij het niet goed, zijn dochter Julie zit in de schulden en verpest haar huwelijk, en er is niets wat hij kan doen.

Zoals je begrijpt is dit weer een prachtige Russo-roman, sterk vergelijkbaar met Niemands Gek dat twee jaar geleden uitkwam bij Signatuur. Russo’s sterke punt is dat hij met vrij weinig gebeurtenissen heel veel kan neerzetten. Nu zit er meer actie in dit boek dan in Niemands Gek, maar dat is prima. Ook het academisch milieu is, sterk uitvergroot, heel herkenbaar. De tijdelijke contracten, wat telt er mee als publicatie, hoe wordt er omgegaan met spanningen binnen de vakgroep. Genieten. Zeer verdient krijgt Russo dan ook weer vijf sterren van mij.