Posts tonen met het label grote verhalen vertellers. Alle posts tonen
Posts tonen met het label grote verhalen vertellers. Alle posts tonen

maandag 22 februari 2016

Guadalupe Nettel – na de winter



Een grootse roman vol treurigheid en hoop

In ‘Na de Winter’ volgen we in afwisselende hoofdstukken het verhaal van de Mexicaanse Cecilia die in Parijs literatuurwetenschappen gaat studeren en de Cubaanse Claudio die in New York als redacteur werkt. Allebei hebben ze een licht-depressieve aard waarbij ze zich terugtrekken in hun eigen wereld. Cecilia’s wereld wordt opengebroken door haar buurman Tom, net als zij gefascineerd door de doden die hun overburen zijn op begraafplaats Père-Lachaise.  Als Tom verdwijnt, lijkt ook zij te verdwijnen.

De ontmoeting met Claudio is een lichtpuntje dat helaas niet kan blijven. Ondanks een krachtige eerste ontmoeting blijken ze zich niet volledig aan elkaar te kunnen geven. Hun verhalen lopen weer uit elkaar waarbij ze elk een nieuwe winter vol tegenslag, treurigheid en vlagen van hoop en liefde door moeten komen.

“En dat zij, de kinderen, beter dan wie ook in staat waren hen niet zozeer tot de vergetelheid te veroordelen als wel onze levenslust te vernieuwen, ondanks hun schrijnende afwezigheid.”

Nettel is een Latijns-Amerikaanse schrijfster die de verwachtingen helemaal waar maakt. Ze schrijft licht en makkelijk over zware onderwerpen, waarbij ze een verhaal over ziekte, verdriet en heimwee combineert met humor en perfecte zinnen. Menigmaal heb ik het boek even weg moeten leggen, nadenken over wat en hoe ze het heeft geschreven of moest ik gewoon een paar zinnen hardop zeggen, omdat ze in al hun eenvoud zo prachtig zijn.

Nettel sluit hierbij aan bij een rij indrukwekkende auteurs die bij Signatuur in vertaling zijn verschenen. De schrijfstijl is typisch Zuid/Midden-Amerikaans, zoals we die ook terugzien bij bijvoorbeeld  Sergio Alvarez en Juan Gabriel Vásquez, lichtvoetig en raak. En het mooie is dat ze toch weet af te sluiten met een beetje hoop, want ondanks alle heimwee en verlies, het leven gaat door. Ik heb er normaal een hekel aan, maar dit is voor mij nu al het beste boek van 2016, of met terugwerkende kracht: het beste boek dat ik de afgelopen 12 maanden heb gelezen.

zaterdag 19 december 2015

Fabio Genovesi – Wat de golven brengen



Een roman over groot worden als dat niet makkelijk is
‘Wat de golven brengen’ is de tweede roman van Fabio Genovesi, en na ‘Vissen Voeren’ en echt grote roman, die hij schrijft over opgroeien in Italië. Deze keer bezien vanuit de ogen van Luna, een albino-meisje, dat opgroeit met haar moeder en broer en haar weg zoekt in het leven. Maar naast het leven van Luna en haar vriend Zjot, een wees uit Tsjernobyl, leren we Luna’s moeder Serena en hun leraar Sandro kennen. 

Het leven is niet gemakkelijk, voor geen van hun, maar waar buitenbeentjes Luna en Zjot het beste proberen te maken van het leven door hun fantasie te gebruiken lijken Sandro en Serena het bijna te hebben opgegeven. Serena weet niet meer wat ze met het leven aan moet nadat haar zoon Luca is doodgegaan bij het surfen en Sandro is 40+, invalleraar, thuiswonend en smoorverliefd op Serena. Hij bedenkt een plan om via Luna de liefde van haar moeder te winnen en dat gaat natuurlijk niet zoals gepland.

Wat ik elke keer weer prachtig vind, in al zijn treurigheid, is de uitzichtloosheid van het bestaan voor veel jongeren, en ondertussen al bijna niet meer jongeren, in Italië. De werkloosheid is er hoog, de lonen laag en er zijn weinig huisvestingsmogelijkheden waardoor vooral mannen op het platteland bij hun ouders blijven wonen en geen leven op kunnen bouwen. Dit zie je ook terug in de vorige roman van Genovesi, maar ook bijvoorbeeld in ‘Staal’ van Silvia Avallone. En ondanks die uitzichtloosheid is er altijd wel een lichtpuntje en in dit boek is dat de liefde. 

Genovesi heeft een prachtige roman geschreven waarin hij de meest onwaarschijnlijke dingen waarschijnlijk laat lijken. Want waarom zou Sandro niet een mega-paddenstoel vinden en die verkopen aan twee bejaarden? Waarom zou Luca niet vanuit de hemel cadeautjes naar zijn zusje sturen? Je voelt mee met de personages en kan alleen maar hopen dat niet al het geluk hun in de steek heeft gelaten. Het boek leest ontzettend makkelijk en het is een echte aanrader voor bij de kerstboom.

donderdag 23 juli 2015

Hasan Ali Toptaş – Verloren Levens



Een boek dat doorzettingsvermogen vraagt

‘Verloren levens’ is het verhaal van Ziya, dat staat in ieder geval op de achterkant, Ziya wil zijn sleutel inleveren bij de huisbazin en valt daar van de ene in de andere verbazing. Zijn huisbazin blijkt alles van hem en de andere bewoners te weten en vertelt hem haar levensverhaal. Daarna vallen we in een 50 pagina’s durende droom waarin vogels een grote rol spelen, Ziya volgt een vogel, probeert er één uit de lucht te schieten met zijn katapult en wordt uiteindelijk de vogel.

Meteen voelde hij een vreemde warmte in zijn zak. Het was alsof het veertje dat hij daar verborg vlam had gevat en in lichterlaaie stond. De brand hield gedurende de hele maaltijd aan, soms werd hij minder fel, of zelfs heel zwak, dan weer vlamde bij op en klom tot aan Ziya’s wangen.’

‘Verloren Levens’ is een verhaal in de magisch-realistische traditie, Toptaş wordt door de Frankfurter Algemeine dan ook vergeleken met Franz Kafka. Het is een stijl die mij niet heel erg kan bekoren, ik werd bij tijd en wijlen vooral heel erg moe van het boek. Pas tegen de helft van het verhaal komt er een voor mij herkenbare lijn in en is het boek volgbaar. Op dat moment leren we de basis van de vriendschap tussen Ziya en zijn vriend kennen en leren we ook het karakter van Ziya kennen. Er zit dan ook veel meer chronologie in het boek. 

Ondertussen schetst Toptaş wonderlijke en mooie taferelen, de eerlijkheid van kinderen en de pracht van de natuur. Hierdoor heb ik het boek, in etappes toch uit kunnen lezen, want het is prachtig wat hij schrijft, maar ik hou toch meer van boeken die duidelijker een verhaallijn volgen dan die vooral beelden en situaties schetsen.

Wellicht zou je dit boek ook als een verhalenbundel kunnen lezen, de hoofdstukken zijn tussen de 30 en 100 bladzijden en lenen zich hiervoor. Dat zou het in etappes lezen kunnen vergemakkelijken. Niet helemaal mijn soort boek dus, maar toch de moeite waard om even door te zetten en vast prachtig voor de liefhebber.

vrijdag 6 februari 2015

Thomas Glavinic - Het grotere wonder

Waarom je nooit de Mount Everest moet beklimmen

Het grotere wonder is het verhaal van Jonas die niet goed weet hoe hij lief moet hebben en daarom de Mount Everest beklimt. In korte hoofdstukken wordt de beklimming van de Everest, die vooral bestaat uit veel en lang en koud wachten in de verschillende kampen en zo nu en dan een stukje klimmen, afgewisseld met het verhaal van zijn jeugd. Jonas en zijn tweelingbroer Mike worden opgevoed door Picco, de grootvader van hun vriend Werner die de jongens adopteert. Hierdoor groeien ze op in een vreemd niemandsland zonder regels in Oostenrijk.

Picco’s doel is de jongens zo op te voeden dat ze voor de duivel niet bang zijn en dat doet hij door hun alle vrijheid te geven en tegelijkertijd te onderwijzen in de meest uiteenlopende zaken van gevechtskunst tot Griekse oudheid. Jonas leert zichzelf kennen in deze tijd, hij leert wat verlies en verdriet zijn, hij leert moeilijke beslissingen nemen en hij komt te weten dat hij over meer geld beschikt dan hij ooit zal kunnen uitgeven.

Met dit geld gaat hij op de vlucht, hij reist de wereld over, op zoek naar spanning, op zoek naar het gevoel om te leven en op zoek naar verloren vrienden. Maar als hij Marie vindt, de liefde van zijn leven, dan weet hij niet hoe om moet gaan met haar andere grote liefde, de muziek en daarom beklimt hij de Everest.

Het grotere wonder is een heel bijzonder boek, Glavinic speelt niet alleen met de taal om zijn verhaal te vertellen maar ook met typografie om gemoedstoestanden en omstandigheden uit te drukken. De herhaling ‘een stap, een minuut stilstaan’ van Jonas op de Everest wordt bijvoorbeeld niet vertel als herhaling, maar wordt als herhaling weergegeven.

Ondanks dit bijzondere taalgebruik is het boek soms wat saai. De momenten dat Jonas in het basiskamp is en zich bezat of mysterieus loopt te zijn duurden mij te lang en kwamen soms ook te plotseling weer op na een paar hoofdstukken over zijn jeugd. Maar in dit geval wordt doorzetten beloond, zodra hij echt aan de klim begint en het verhaal van hem en Marie verder wordt uitgesponnen is het adembenemend en lees je het boek in één keer uit. Met pakweg 50 tot 100 bladzijdes minder zou het boek fantastisch zijn, nu is het is een van de weinige Oostenrijkse romans die ik heb gelezen, maar die ik zeker waardeer.

Mijn conclusie, je moet nooit de Mount Everest beklimmen, dat is voor gekken en dwazen. Lees een boek en leer lief te hebben.

Waardering: 8

zondag 10 november 2013

Olaf Olafsson – De weg naar San Martino



 De weg naar San Martino
Liefde en kunst in San Martino
De weg naar San Martino vertelt het levensverhaal van twee bijzondere vrouwen, Alice en Kristín. Marchesa Alice Orsini is een Engelse expat die haar hele leven blijft twijfelen tussen het leven met haar Italiaanse echtgenoot op het Toscaanse platteland en het expatleven in Florence dat ze van haar ouders kent. Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en het overlijden van hun zoontje stort Alice zich op de opvang van oorlogsvluchtelingen en weeskinderen. San Martino komt bekend te staan als een veilige haven en zo bewandeld ook Kristín de weg naar San Martino. Kristín is een IJslandse kunstenares die in Rome is opgeleid tot reparateur van schilderijen. De heimelijke liefde voor zowel haar leermeester als voor een schilderij van Carveggio leidt haar naar San Martino, waardoor de wegen van Alice en Kristín zich weer kruizen.
Olafsson heeft een fantastisch mooi boek geschreven, echt een aanwinst voor de Grote Verhalen Vertellers collectie van Signatuur. Eenmaal begonnen in het boek kon ik het niet meer wegleggen en ik heb er zelfs van gedroomd. Olafsson vertelt uiteraard een mooi verhaal, een verhaal waarin dé liefde en de liefde voor de Schone Kunsten een hoofdrol spelen, maar hij situeert dit in een allesbehalve schone situatie. De Duitse ‘bezetting’, maar ook de ‘bevrijding’ van Toscane door de geallieerden brengen gemengde emoties teweeg bij de personages, goed en fout zijn niet altijd makkelijk te onderscheiden. Deze tegenstelling maakt het boek nog mooier en interessanter om te lezen.

Daarnaast is het boek heel mooi vormgegeven. De cover is een tekening van een Toscaans landschap met een stad op de achtergrond en een landhuis op de voorgrond. Het boek bestaat uit korte hoofdstukken met een mooie bladspiegel en de dialogen worden op een duidelijke manier weergegeven. De auteur en de uitgever hebben er alles aan gedaan om je door te laten lezen en het verhaal neemt je mee naar de krochten van de Tweede Wereldoorlog op het Toscaanse platteland en het verdriet van een IJslands meisje.